ADHD

(Overgenomen uit map Leerzorg: "Eerste hulp bij leerstoornissen en problemen bij het leren". Gratis te downloaden op www.letop.be)

Deze leerlingen kunnen opvallen door…

Mogelijk zwakke kanten:

aandachtstekort
  • verstrooidheidfouten, onvoldoende aandacht voor details
  • moeite om aandacht bij taken of spel te houden
  • niet lijken te luisteren
  • aanwijzingen niet opvolgen
  • er niet in slagen werk af te maken of verplichtingen na te komen
  • moeite met het organiseren van taken en activiteiten
  • vermijden van taken die een langdurige geestelijke inspanning vereisen
  • afgeleid worden door allerlei onbelangrijke dingen
  • vaak dingen kwijtraken
  • vergeetachtig bij dagelijkse bezigheden
hyperactiviteit
  • onrustig bewegen met handen en voeten, wiebelen
  • opstaan of rondlopen wanneer dat niet past
  • moeilijk rustig spelen of zich bezig houden met ontspannende activiteiten
  • vaak ‘in de weer’ of ‘draaft maar door’
  • aan één stuk door praten
impulsiviteit
  • antwoorden voordat de vragen afgemaakt zijn
  • moeite om op zijn/haar beurt te wachten
  • bezigheden van anderen verstoren, zich opdringen
  • zich in gevaarlijke situaties storten
kennisopbouw
  • onvoldoende kennis opbouwen (vooral gevolgen voor Frans en wiskunde)

Mogelijk sterke kanten:

gedreven en enthousiast
  • kunnen zich ‘volledig op iets storten’
  • kunnen ‘er echt voor gaan’
goede entertainers
  • creatief
  • vaak echte spraakwatervallen
  • spreken ‘met heel hun lichaam’
nemen vlot contact
  • niet verlegen
  • durven in een nieuwe situatie zonder aarzelen anderen aanspreken
veel energie en uithoudingsvermogen
  • veel fysieke kracht
  • niet snel moe bij sport en spel
hoog tempo
  • snel werktempo
  • snel van activiteit wisselen

Wat moet je vooral doen en wat niet?

Do's

accepteren

  • Moedig de leerling aan als hij/zij het goed doet.
  • Toon dat je het positieve ook opmerkt.
stimuleren en begeleiden

  • Geef korte en duidelijke instructies.
  • Geef niet teveel, maar duidelijke regels.
  • Maak oogcontact en geef directe feedback.
  • Werk met beloningskaarten.
  • Geef één opdracht tegelijk.
  • Schrijf agenda of rooster met werkplanning/ activiteiten op bord.
  • Voorzie activiteiten voor dode momenten.
  • Beperk de hoeveelheid prikkels. Alleen strikt nodige materiaal op bank, bijvoorbeeld: ‘bij taalvakken geen passer en geodriehoek op de bank’.
  • Maak een duidelijk bordschema.
  • Sta af en toe activiteit toe: even rondje lopen, iets wegbrengen.
  • Structureer de leerstof en het leergedrag.
  • Leer kernwoorden markeren. Vat de hoofdzaken samen.
compenseren

  • Laat de leerling een oorbeschermer dragen bij toetsen en taken.
  • Laat de leerling gebruik maken van het klasmateriaal (passer, atlas …) als hij/zij weer iets vergeten is (met meerdere leerlingen hetzelfde materiaal gebruiken nodigt uit tot spelen en praten).
  • Voorzie een perforator en een nietjesmachine in de klas, zodat losse bladeren dadelijk kunnen geordend worden.

Dont's

begeleiding en aanpak

  • Steeds dezelfde/gelijkaardige opdrachten geven (dit wordt voor deze leerlingen heel snel saai).
  • Onverwachte activiteiten.
  • Complexe opdrachten.
  • Het ene moment dingen toestaan en het andere weer niet.
straffen

  • Uitgestelde straffen geven (de leerling ziet het verband niet met zijn/ haar gedrag).
  • Schrijfstraffen geven (hij/zij werkt eindeloos aan een schrijftaak).
  • Zware sancties als de leerling weer eens iets vergeten is.
  • Boos worden. Wel: uitleg over gewenst gedrag.
materiaal

  • Teksten met onoverzichtelijke lay-out.
  • Cursussen op veel losse bladen en in verschillende mappen.



 .